Brutaliteit, nieuwsgierigheid, geïnteresseerd, geef het een naam. In mijn boek ‘Altijd werken in emotie’ heb ik veel geschreven over de belangstelling in mijn vak. Maar is het de belangstelling in mijn vak, de wagen, mij als persoon, of is het de sensatie die mijn vak met zich meebrengt? Ach ja, vroeger voelde ik ook de spanning, de adrenaline die door je aderen vloog als je een hoofd in de wasbak had liggen om de haren te wassen met de romp een meter verderop nog op een behandeltafel. Die adrenaline is er niet meer en heeft plaats gemaakt voor liefde, aandacht en passie. De letters op mijn wagen roepen soms nieuwsgierigheid op bij anderen. Als ik mijn wagen door het centrum van een stad stuur, heb ik wat moeite om een parkeerplaats te vinden. Een parkeerkelder is geen optie ivm de hoogte van de wagen en heb achter de wagen graag wat extra ruimte om de brandcard te kunnen uitladen. De keuze voor een stoep is dan soms niet de beste, maar wel de enige optie. Heel langzaam stuur ik de wagen de stoep op en zorg voor voldoende ruimte voor de voetgangers en rolstoelen. Op dat moment heeft de handhaving me al in de gaten en stuurt de wagen net als de mijne, richting het voetgangersgebied. Er is niet veel voor nodig om ze te overtuigen dat er weinig andere opties overblijven dan het parkeren op de stoep. Als ik een halfuur later volop aan het werk ben bij de nabestaanden, voel ik het trillen van mijn telefoon. ‘U spreekt met Edwin, Special Death Care.’ Maar ik kreeg maar amper de tijd om uit te spreken. ‘Meneer ik zag uw wagen en heb direct op internet gekeken wat u bent. Respect hoor, mooie beroep. Mag ik vragen, hoe ik kan kijken, heb gezien.’ Ik begrijp er helemaal niks wat. ‘Heb gezien? Wat heeft u gezien?’ Eigenlijk voelde ik al aan mijn water waarheen dit gesprek zou gaan. ‘Zoekt u mensen? Gewoon voor werk of stage?’ Ik bewaarde mijn geduld en vertelde vriendelijk dat ik niet op zoek ben naar personeel of stagiaires. ‘Als u mijn website een beetje goed heeft gelezen, dan begrijpt u dat ik daar kom waar een ander liever niet wil zijn, dat er hier verdriet is en ik geen tijd heb om een heel gesprek met u te gaan voeren. Bedankt voor de spontane sollicitatie en wens u veel succes met het vinden van een baan’. Ook nu kon ik mijn zin maar amper uitspreken. ‘Meneer meneer, ik weet waar u bent, is het goed dat ik nu even kom kijken, want u doet ook moord enzo’. Bijna verloor ik mijn geduld, maar bleef netjes en vriendelijk richting deze over-enthousiaste man. ‘Beste man, ik moet nu echt mijn aandacht aan de overledene geven en wens u een fijne dag’. Met een ’s goed (is goed), verbrak hij de verbinding. Achteraf gezien had ik deze meneer richting mijn beladen presentatie kunnen sturen, dan had hij kunnen meekijken in mijn wereld. Maar het kwam niet eens in mij op, ik was een beetje overdonderd door de manier waarop deze meneer zich probeerde op te dringen. Wat zou het zijn geweest? Echte interesse in mijn vak, of was het de combinatie van mijn gele wagen en de wagen van de handhaving tezamen in het voetgangersgebied? Geen idee. Achteraf heb ik er samen met de uitvaartverzorgster wel om gelachen. Het heeft ook wel wat, mensen die hun nieuwsgierigheid niet kunnen onderdrukken en per direct in de telefoon klimmen. Laat ik het positief blijven zien.

Edwin Spieard - Special Death Care